Wet kwaliteitsborging voor het Bouwen: de feiten op een rij

Het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het Bouwen heeft al meerdere keren het nieuws weten te bereiken en brengt veel onduidelijkheden met zich mee. Gaat de aannemer straks zijn eigen vlees keuren? Wordt het bouwtoezicht te ingewikkeld? En wat voor invloed heeft deze wet op de rol van de architect?

De antwoorden op deze vragen kunnen we voorlopig nog niet geven. Wel zetten we in dit nieuwsitem de feiten voor je op een rij. Het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het Bouwen heeft tot doel de kwaliteit van bouwwerken te verbeteren en de positie van de particuliere en de zakelijke bouwconsument te versterken.

Waarom dit wetsvoorstel?

Door de toenemende complexiteit in de bouw is herziening van het huidige stelsel van kwaliteitsborging noodzakelijk. Hiermee wordt de relatie tussen de opdrachtgever, de bouwconsument, en de bouwende partijen evenwichtiger. Bij de oplevering van het bouwwerk moet de aannemer aantonen dat aan de regelgeving is voldaan. Wanneer bij oplevering blijkt dat een bouwwerk niet volgens de regelgeving en gemaakte afspraken is gebouwd, krijgen opdrachtgevers betere mogelijkheden om de aannemer aan te sporen tot herstelwerkzaamheden. Ook informeert de aannemer de klant over de manier waarop risico’s tegen schade door het niet nakomen van de verplichtingen en de gebreken na de oplevering zijn afgedekt. Daarbij wordt het opschortingsrecht van de particuliere opdrachtgever aangescherpt.

Wanneer gaat de Wet in?

De Kamer heeft op 9 april 2019 ingestemd met het voorstel van de Eerste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken en Algemene Zaken en Huis van de Koning om het voorstel op dinsdag 23 april 2019 te heropenen en met een derde termijn voort te zetten. Op 14 mei 2019 stemt de Eerste Kamer over het wetsvoorstel. Uiterlijk op 10 mei 2019 zal de minister van BZK met betrekking tot bepaalde aspecten nog een verduidelijkende brief naar de Kamer sturen.

Update: De Eerste Kamer heeft dinsdag 14 mei het wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen aangenomen.

Wijzigingen

De Wet brengt een groot aantal wijzigingen aan in het publiekrechtelijke stelsel. Ten eerste wordt bepaald of een bouwwerk bouwbesluittoetsvrij is of dat er een preventieve toets vooraf moet plaatsvinden om de bouwkwaliteit te toetsen. De bouwkwaliteit zal door kwaliteitsborgers met behulp van instrumenten voor kwaliteitsborging worden getoetst. De kwaliteitsborger levert bij oplevering een verklaring af waaruit blijkt dat het bouwwerk aan het Bouwbesluit voldoet. Met de introductie van de kwaliteitsborger ontstaat een nieuwe taak en rol in het bouwproces. De door hem gebruikte instrumenten worden op de markt gebracht door instrumentaanbieders, die op hun beurt weer bij een Toezichthoudende organisatie hun instrumenten ter beoordeling moeten aanbieden.

Bronnen en artikelen